De vier delen werken meestal in harmonie.
Als ik dorst heb, loop ik naar de keuken, pak een glas, vul dat met iets lekkers. Ik heb dan alle delen ingezet. Zo werkt ervaringsordening. Maar dat lukt niet altijd. Soms vanwege tekorten (ik kan niet lopen) of stoorzenders (de keuken zit op slot). Dan heb ik anderen nodig die mij begrijpen en helpen.
Timmers Ervaringsordening
logo eo 2

Een verhaal in vier delen

De Theorie van Ervaringsordening gaat over de mens als geheel, maar om het te kunnen uitleggen heeft Dr. Timmers-Huigens de verschillende facetten benoemd als vier delen van ervaringsordening. De vier delen zijn afzonderlijk beschreven, maar werken altijd samen. Een deel is nooit uitgeschakeld, verdwenen of (nog) niet ontwikkeld. Dit geldt voor alle mensen, met of zonder (verstandelijke) beperking of ontwikkelingsstoornis.

Het lichaamsgebonden deel geeft informatie over het lichaam in de werkelijkheid en hoe het ingezet wordt als instrument. We gebruiken ons lichaam altijd en overal. Communicatie met het lichaam is voor veel mensen ondersteunend, maar voor mensen met een beperking of NAH soms de enige vorm. Dit gebruik van het lichaamsgebonden deel vraagt om een goede verstaander. Dan herken je de informatie van de andere delen.

Het associatieve deel geeft informatie over de betrouwbaarheid van de actuele werkelijkheid, met behulp van associaties. Deze associaties leiden tot een verwachtings- patroon voor de dingen en mensen om ons heen. Dit verwachtingspatroon is uniek voor elk mens. Voldoen aan de verwachting gaat soms net anders dan je zelf had gedacht.

Het structurerende deel helpt ons te begrijpen dat de werkelijkheid meer is dan som der delen. Dat ‘meer’ vormt een samenhangend beeld van een gebeurtenis of episode. Zo kent ieder mens┬ábetekenis toe. Maar die betekenis kan verschillend zijn. Gedeeld begrip is daarom een belangrijke voorwaarde voor samen leven, leren en werken.

Het vormgevende deel: We willen allemaal erkend in ons unieke menszijn, met onze eigen mogelijkheden en beperkingen. Alleen dan zijn we in staat om handelend op te treden. De behoefte om zelf vorm te kunnen geven aan het bestaan blijft het leven lang bestaan en wordt niet verminderd door een beperking.